Engels college in Rome viert 650ste verjaardag

Geplaatst door: 28/01/2012

Het Engels College in Rome viert dit weekend onder leiding van kardinaal Murphy-O’Connor zijn 650ste verjaardag. Het college werd in 1362 gesticht als gastenverblijf voor Engelse pelgrims. In 1579 werd het omgevormd tot een seminarie voor de opleiding van priesters. Tegelijk bleef het zijn functie van gastenverblijf behouden. Het college, gelegen in de Via di Monserrato, nabij Palazzo Farnese, won vooral aan belang na de opkomst van het anglicanisme en de daarmee verbonden vervolging van de Engelse katholieken. Priesters werden gedwongen om in het buitenland te studeren. Tussen 1581 en 1678 stierven 44 alumni van het college een martelaarsdood. Daarvan werden er tien erkend als heiligen. Vrijwel alle anderen zijn zalig verklaard. Tot op vandaag staat het college in voor de opvang van de Britse priesterstudenten en pelgrims in Rome. (Bron: KerkNet/ICN)

Keizerlijke paardenstallen ontdekt in hartje Rome

Geplaatst door: 25/01/2012

De archeologen die erbij betrokken zijn reageerden al wekenlang euforisch maar hielden de lippen stijf op elkaar. Recent is de reden van al dat enthousiasme duidelijk geworden. Tijdens het archeologisch onderzoek voor de bouw van een ondergrondse parking aan de Via Giulia, vlakbij Ponte Mazzini, is het stabulum van keizer Augustus ontdekt. Het gaat om de paardenstallen die verbonden waren aan het Circus Maximus en onder keizerlijk gezag stonden. Ze werden meer dan waarschijnlijk gebouwd door Agrippa, de goede vriend van keizer Augustus. Archeologen omschrijven de vondst als één van de belangrijkste van de jongste jaren. Het complex is zo goed bewaard en levert zoveel details dat bepaalde theorieën over de organisatie van de facties van de wagenmenners moeten gewijzigd worden. Er wacht de archeologen nog heel wat studiewerk.

Na afloop van de wagenrennen in het Circus Maximus (zie de beelden helemaal onderaan dit bericht) trokken de diverse teams met hun paarden naar deze luxueuze stoeterij waar de dieren verzorgd werden. Archeologen wisten dat dit complex zich in de buurt moest bevinden maar hadden het helemaal niet verwacht onder het toekomstige parkeerterrein. Ondanks het feit dat zowat vijfhonderd jaar geleden de uitgravingen voor de fundamenten van de huidige gebouwen langs de Via Giulia de vindplaats gedeeltelijk hebben beschadigd, blijkt de site nog verrassend goed bewaard. Archeologen omschrijven de vondst als zeer belangrijk. De ontdekking is wel een lelijke streep door de rekening van de projectontwikkelaar die hier een ondergrondse parkeergarage voor 366 auto’s wilde inplanten.

Het parkingproject kan waarschijnlijk nog wel worden uitgevoerd maar zal uiteraard wel vertraging oplopen. Ook zullen de plannen moeten worden aangepast. Van de 366 voorziene parkeerplaatsen waren er 336 bestemd voor de buurtbewoners. De overige 30 moesten dienen voor passanten en bezoekers. Wellicht zullen een aantal voorziene parkeerplaatsen moeten sneuvelen. Het is nog helemaal niet duidelijk of en hoe het stabulum wordt geïntegreerd in de nieuwbouw. De aannemer en de projectontwikkelaar moeten een voorstel doen waarin de archeologen zich kunnen vinden.

Het heeft overigens even geduurd vooraleer duidelijk werd wat er precies was opgegraven. De ontdekking is in ieder geval van groot belang voor de topografie van het Oude Rome. De archeologen proberen nu uit te zoeken hoe de structuur van het complex precies in elkaar stak en hoe de paarden van de diverse teams van elkaar werden gescheiden. Er waren telkens vier teams die elk een politieke stroming vertegenwoordigden: de Witten (Albata), de Roden (Russata), de Blauwen (Veneta) en de Groenen (Prasina). Op feestdagen werden races gehouden, vanaf de tijd van keizer Nero zelfs 24 per dag. In uitzonderlijke gevallen werden er tot 100 races per dag gereden. Meestal gebeurde dat met een vierspan, maar soms reden de menners ook met acht paarden. De wagens vertrokken vanuit de carceres waar twaalf startkooien naast elkaar stonden. De magistraat die belast was met de organisatie van de spelen gaf het startsein waarna de hekken van de kooien opengingen. In een vijf kilometer lange race moesten de wagens zeven keer om de spina heen rijden.

Bij de metea, de keerpalen op de hoeken van de spina, was het de bedoeling om de bocht zo kort mogelijk te nemen om zo de tegenstanders te hinderen. Het gebeurde regelmatig dat de wagens kantelden en de menners eruit geslingend werden. Pijnlijk, en soms zelfs dodelijk want het kon ook gebeuren dat de wagenmenners werden meegesleurd door de paarden en zo een akelige dood tegemoet raasden. Op de spina stonden aan beide uiteinden zeven eieren en zeven met water gevulde bronzen dolfijnen opgesteld, waarmee de verreden rondes werden afgeteld. Bij iedere doorkomst werd een ei verwijderd en een dolfijn omgekiept zodat het water in een marmeren bak terecht kwam. Het exemplaar dat je hierboven op foto ziet is nagebouwd voor de beroemde wagenren in de film Ben Hur en bevindt zich momenteel in de archieven van Cinecittà-filmstudio’s in Rome. De menners waren meestal slaven of vrijgelatenen met een lage sociale status. Zij konden door de grote populariteit van de wagenrennen echter veel roem vergaren. Vrouwen werden verliefd op hen en dichters droegen hun werk aan hen op. Het waren samen met de beroepsgladiatoren de sporthelden uit de oudheid.

Maar nu even terug naar de ontdekking in de Via Giulia. De structuur van het complex bestaat uit een reeks parallelle wanden, verbonden door gangen. Het geheel is opgetrokken uit travertijn. In sommige delen bevinden zich nog de stenen palen waaraan de dieren werden vastgemaakt. De stijl en methode van bouwen wijzen duidelijk in de richting van Agrippa, de goede vriend van keizer Augustus die in zijn latere politieke carrière verantwoordelijk was voor veel publieke gebouwen, herstelwerkzaamheden en verbeteringen, waaronder de renovatie en bouw van aquaducten, thermen en tuinen.

In 33 v. Chr. werd Agrippa verkozen als een van de aediles plebis (verantwoordelijk voor de gebouwen en festivals) en zorgde hij ervoor dat de straten werden hersteld en de riolen werden schoongemaakt, terwijl hij volop publieke spektakels organiseerde. Uit die tijd dateert vermoedelijk ook het nu ontdekte complex. In de richting van de Tiberoever, op weg naar Circus Maximus, werd ook een stuk verharde weg ontdekt, die vertrekt vanuit de mooiste kamers van het complex. De vloeren zijn bedekt met zwart-witte mozaïeken. Te oordelen naar de structurele veranderingen en aanpassingen is het gebouw tot in de 4de eeuw in gebruik gebleven.

Topografisch is de ontdekking van zeer groot belang. Archeologen zullen veel meer te weten komen over het ontwerp en de onderdelen van dergelijke gebouwen. Het meeste van wat hierover tot nog toe gekend was is afkomstig van een paar voorbeelden in kleinere militaire kampen of zeldzame afbeeldingen in mozaïeken zoals die in Noord-Afrika werden ontdekt. De ontdekking zou bepaalde theorieën over de organisatie van de facties van de wagenmenners kunnen wijzigen. Er wacht de archeologen nog heel wat studiewerk.

De parking past in het stadsvernieuwingsproject dat de lelijke lege plek aan de Via Giulia vlakbij Piazza della Moretta moet opvullen. Begin vorige eeuw werden hier een aantal huizen gesloopt om een kruispunt en een paar extra straten aan te leggen. De bouwkundige wonde in de Via Giulia die door het verdwijnen van enkele huizen ontstond is nooit echt geheeld, al hebben de bewoners en toeristen van vandaag deze omgeving nooit anders gekend. Het is pas wanneer je er op let dat je beseft dat hier ooit iets fundamenteels is weggehaald.

Het plan voor de heraanleg van de omgeving ontstond in 1909. Het was de bedoeling een nieuwe en vlottere verbinding te creëren tussen de Chiesa Nuova en de Regina Coeli-gevangenis aan de overzijde van de Tiber. Daarvoor moesten ondermeer Palazzo Ruggia en Casa Incoronati wijken. De werken werden wel aangevat maar door allerlei omstandigheden is de geplande weg echter nooit volledig afgebouwd. Daardoor blijft de Via Giulia tot vandaag zitten met een kruispunt dat hoegenaamd geen doel heeft en een pleintje dat eigenlijk geen plein is maar een nutteloze leegte.

De Via Giulia, aangelegd door paus Julius II in 1508, is verbonden met alle grote namen uit de renaissance, gaande van Michelangelo tot Borromini, van da Sangallo tot Maderno. Het huidige stadsbestuur wil de oude structuur terug in ere herstellen maar dat kan natuurlijk niet zomaar. Het project vormt een enorme uitdaging voor de architecten die hun door de hedendaagse tijd gekleurde visie moeten verzoenen met de middeleeuwse structuur van de straat. Zeven internationaal vermaarde architecten dienen een ontwerp in om de leegte tussen Lungotevere dei Tebaldi en de Largo della Moretta op te vullen.

Het gaat om Paolo Portoghesi, Aldo Aymonino, David Chipperfield, Stefano Cordeschi, Roger Diener, Franco Purini en Giuseppe Rebecchini. De zeven architecten bekeken de oorspronkelijke tekeningen uit de middeleeuwen maar uit de ontwerpen blijkt dat er hoe dan ook een hedendaags stukje architectuur aan de omgeving zal worden toegevoegd. Een voorstel dat vrij gunstig werd onthaald voorziet een soort stedelijke wandelgalerij, waarbij de voorkant zou fungeren als een soort openluchtmuseum met archeologische vondsten die destijds in deze buurt gevonden zijn. Daarmee is nooit iets noemenswaardig gebeurd. Ze zijn opgeslagen en verspreid in de kelders van diverse magazijnen, waaronder het voormalige slachthuis in Testaccio en de Centrale Montemartini.

Het stadsbestuur moet de knoop echter nog altijd doorhakken. In afwachting werd alvast begonnen met het archeologisch onderzoek voor de parking die het stadsbestuur absoluut wilde realiseren, hoewel het merendeel van de bewoners een dergelijke ingreep op deze plaats niet zien zitten, evenmin als de studenten van de aangrenzende Virgilio-school. Ook een paar architecten hebben in hun voorstel geen parkeergarage voorzien. Een aantal buurtbewoners zullen ongetwijfeld in hun vuistje lachen nu de archeologen het terrein voorlopig hebben ingepalmd en de bouw van de parkeergarage op de lange baan wordt geschoven.

Het is zonde om tijdens een bezoek aan Rome eens niet door de Via Giulia te wandelen. Behalve tal van fraaie gebouwen vind je er ook heel wat interessante kerken terug. De Via Giulia loopt ongeveer parallel met de Tiber en werd van 1503 tot 1508 aangelegd door Donato Bramante op bevel van paus Julius II die de straat ook zijn naam gaf. Op de westelijke oever van de Tiber bevonden zich aanvankelijk slechts twee stadswijken, de Città Leonina, met de Sint-Pieter, het Vaticaan en de Borghi, en Trastevere, gelegen aan de voet van de Monte Gianicolo. Het was ook onder Julius II dat in een rechte lijn, op enige afstand van de Tiber, de Lungara werd aangelegd, dit als antwoord op de Via Giulia aan de andere zijde van de rivier. Aan de Via Giulia ontstonden diverse renaissancepaleizen; de bebouwing van de Lungara zou zich voornamelijk beperken tot kleinere kloosters en burgerhuizen. Beide straten moesten vooral de toenmalige volksbuurten saneren: de Via Giulia doorsneed de Regola, een wirwar van smalle pittoreske straatjes, waarvan er nog heel wat bestaan.

De wijkbewoners van de Via Giulia vierden in 2008 het 500-jarig jubileum van hun straat. Maar vijfhonderd jaar betekent in Rome eigenlijk niet zoveel. Vergeleken met sommige andere straten werd de Via Giulia zelfs vrij laat aangelegd. De bedoeling was, tegelijk met de sanering van de wijk, vooral ook een snelle toegangsweg naar het Vaticaan te verwezenlijken voor de vele duizenden pelgrims die naar Rome kwamen. Voordat de straat werd aangelegd, konden de bedevaarders het Vaticaan vanuit deze richting enkel bereiken door de smalle Via del Pellegrino en de Via dei Banchi Vecchi. Deze steegjes, die tot vandaag hun charme hebben behouden, waren destijds berucht wegens de grote aantallen zakkenrollers die in deze steegjes hun werkgebied hadden.

Oorspronkelijk was het de bedoeling dat de architect Bramante ook alle gebouwen in de straat zou ontwerpen, dit om een architectonisch geheel te creëren. Dat plan ging echter niet door. Toen de straat voltooid was, waren de huizen er nog goedkoop en veel artiesten, waaronder de schilder Rafaël en architect da Sangallo, kwamen in de Via Giulia wonen. De gebouwen aan de westzijde hadden toen nog tuinen die tot vlak aan de Tiber reikten. De Via Giulia werd al gauw één van de meest exclusieve straten van Rome. Dat is vandaag nog zo. Het is één van de weinige (bijna) autovrije straten van Rome, waar je prettige winkeltjes, kunstgalerijen, antiekzaken maar ook diverse regeringskantoren aantreft. Ook de anti-maffiabrigade van Rome is gehuisvest in deze straat, net als het Museo Criminologico, dat je kan bezoeken in Palazzo del Gonfalone.

Zowat de hele straat is zoals gezegd het bezichtigen meer dan waard, maar neem vooral een kijkje in de kerk van San Giovanni dei Fiorentini (ter hoogte van het Piazza dell’Oro). Hoewel minder rijkelijk dan de Santa Maria sopra Minerva (de oorspronkelijke Florentijnse kerk) aan de gelijknamige Piazza, zijn vrijwel alle grote kunstenaars uit de Renaissance en de barok op een of andere manier bij deze kerk betrokken. De gevel is van Allessandro Galilei. Jacopo Sansovino tekende voor het eigenlijke ontwerp van de kerk. Na zijn dood werd het werk voorgezet door Antonio da Sangallo de Jongere. Giacomo della Porta voltooide het gebouw en Carlo Maderno bouwde de koepel. Het koor en het roodmarmeren altaar is van Pietro da Cortona en Borromini, verfraaid met beelden van Bernini. Zowel Maderno als Borromini liggen overigens in deze kerk begraven. Filippo Neri, de patroonheilige van Rome, was de eerste priester van deze kerk. Wie de moeite doet hier wat rond te kijken zal nog veel meer grote namen aantreffen. Opmerkelijk is dat in deze kerk dieren binnen mogen. Vroeger waren er hier weleens dierenwijdingen, vandaag beperkt dit middeleeuwse gebruik zich tot een schaarse bezoeker die eens een hond of een kat meeneemt in de kerk.

Ook zeker de moeite van het bekijken waard in de Via Giulia: het Palazzetto (op nummer 79), het Palazzo Sacchetti (nr. 66), de Chiesa di San Biagio della Pagnotta (ter hoogte van de Via dei Bresciani), het Palazzo Ricci (Via Giulia 146), het Palazzo Cisterna (nr. 163), de kerk van Santa Caterina da Siena (ter hoogte van de Via dell’Armata), het Palazzo Falconieri (Via Giulia 1), de Fontana del Mascherone (ter hoogte van de Via del Mascherone) en de Arco dei Farnesi uit 1603 aan de achterzijde van het Palazzo Farnese. Het was ooit de bedoeling om dit gebouw te verbinden met de Villa Farnese aan de overzijde van de Tiber, maar meer dan de boog over de Via Giulia is er nooit gebouwd. De Farneseboog heeft geen enkele functie, maar geeft, ook al omwille van de mooie plantengroei, de straat toch een fijn extraatje.

Een beetje luguber buitenbeentje is de Chiesa di Santa Maria dell’Orazione e Morte (op nr. 261). Op de deuren en ramen zijn gevleugelde schedels te zien. Naast de deur bevindt zich een geraamte met een zandloper en een skelet dat naar de tekst ‘Hodie mihi, cras tibi’ wijst (heden ik, morgen gij). In de 16de en 17de eeuw werden hier meer dan 8.500 niet geïdentificeerde doden begraven (meestal drenkelingen of onbekende slachtoffers van moordende overvallen). Die ongelukkigen kregen hier toch nog een christelijke begrafenis. Maar in de crypte van de kerk werden later met hun botten bizarre versieringen en patronen gevormd, zoals kruisbeelden van schedels, lampen van wervels, enz. Het is een beetje vergelijkbaar met de ruimte in de Kapucijnenkerk Santa Maria della Concezione aan de Via Veneto, al is die laatste veel kleiner. De crypte van de Santa Maria dell’Orazione e Morte is niet vrij toegankelijk. Je kan ze wel bezoeken mits aanvraag bij de priester en enkel na de kerkelijke dienst.

Talrijke musea en archeogische sites een week lang gratis toegankelijk

Geplaatst door: 24/01/2012

Ieder jaar krijgen we heel wat vragen over de Settimana della Cultura, de week waarin talrijke Italiaanse musea en sites volledig gratis toegankelijk zijn. Voor wie toevallig die periode Rome bezoekt is dat natuurlijk mooi meegenomen en zorgt al gauw voor een besparing van enkele tientallen euro’s aan tickets. De drukte moet je er dan natuurlijk wel bij nemen. Dit jaar wordt de Week van de Cultuur gehouden van 14 tot 22 april. In die periode worden er ook talrijke culturele activiteiten georganiseerd. Opgelet: de Vaticaanse musea, privémusea en musea die worden beheerd door particuliere stichtingen doen niet mee. En als je bijvoorbeeld online een bezoek reserveert worden hiervoor meestal ook kosten aangerekend. Het is enkel het toegangsticket dat gratis is.

Het culturele evenement heeft al voor de 14de keer plaats. Toevallige bezoekers of scholieren die in deze periode Rome bezoeken doen er financieel een goede zaak aan. Het aanbod is immers overweldigend. Niet alleen musea, maar ook heel wat monumenten, archeologische sites, archieven zijn die periode uitzonderlijk gratis open voor het publiek. Op veel plaatsen worden allerlei evenementen georganiseerd, zoals speciale tentoonstellingen, conferenties, workshops, rondleidingen, film- en dansvoorstellingen en concerten. Deze jaarlijks terugkerende week wordt georganiseerd door het ministerie van cultuur en heeft als doel de pracht van het Italiaanse historische erfgoed extra in de kijker te stellen. Toch opletten bij populaire monumenten zoals bv. het Colosseum: de wachtrijen kunnen in deze periode om voor de hand liggende redenen erg lang zijn.

Het Oude Rome herleeft in Rotterdam

Geplaatst door: 22/01/2012

Van 11 februari tot 3 juni zijn in het museum Museum Boijmans Van Beuningen in Rotterdam (Nederland) prenten, schilderijen en tekeningen te zien van de 16de-eeuwse kunstenaar Maarten van Heemskerck. De aanleiding van de tentoonstelling is het schilderij ‘Zelfportret met Colosseum’ dat vanuit het Fitzwilliam Museum in Cambridge naar Rotterdam komt. In twee zalen toont het museum werk van deze kunstenaar uit Haarlem, die zich liet inspireren door de klassieke oudheid.

Maarten van Heemskerck (1498-1574) begon in 1532 aan zijn reis naar Rome. Hier liet hij zich inspireren door de overblijfselen uit de klassieke oudheid. Antieke beelden en ruïnes vormden een dankbaar onderwerp voor zijn tekeningen, die hij nog jaren na zijn terugkeer als bron zou blijven gebruiken. Op de achtergrond van zijn ‘Zelfportret’ schilderde hij het Colosseum, voor veel kunstenaars ook toen al hét symbool van het oude Rome. Behalve dit beroemde werk, tonen diverse prenten en schilderijen hoe de oudheid een rol bleef spelen in het oeuvre van deze kunstenaar. Ook wordt de invloed belicht van tijdgenoten als Michelangelo.

Op het olieverfschilderij ‘Zelfportret met Colosseum’ (1553) beeldde Maarten van Heemskerck zichzelf twee keer af: hij portretteerde zichzelf als 55-jarige, succesvolle en gefortuneerde kunstenaar, voor een schilderij waarop hij een tweede maal te zien is; als jonge kunstenaar, terwijl hij de ruïnes van het Colosseum vastlegt op een schetsblad. Van Heemskerck heeft het Colosseum keer op keer getekend tijdens zijn verblijf in Rome. Hoezeer hij het oude amfitheater bewonderde, bleek nog aan het eind van zijn leven, toen hij het als achtste wereldwonder toevoegde aan een prentreeks over de wereldwonderen van de oudheid.

Op de tentoonstelling is een aantal schetsen te zien die Van Heemskerck maakte tijdens zijn verblijf in Rome, uit de collectie van het Rijksmuseum en uit een particuliere collectie. Zijn schetsboeken bevatten studies van klassieke architectuur, ruïnes en antieke beelden. Na zijn terugkeer in Haarlem gebruikte hij deze studies voor schilderijen en prenten met fantasievolle landschappen. De klassieke ruïnes en sculpturen vormen de achtergrond van mythologische, allegorische of Bijbelse voorstellingen, zoals Het oordeel van Paris (circa 1545-1550) of De goden van de Olympus (1556). Ook is de invloed van de antieke sculptuur direct te herkennen in Van Heemskercks composities en in de houdingen van zijn figuren. Zo gebruikte hij een studie die hij in Rome maakte van de Torso van Belvedere voor de Christusfiguur in de prent De doornenkroning (1548). Een gipsafgietsel van deze klassieke sculptuur maakt onderdeel uit van de tentoonstelling.

Bij de tentoonstelling is een informatiebrochure beschikbaar die de lezer aan de hand van schetsen van Van Heemskerck een visuele tour door het oude Rome biedt. De brochure bevat zowel Nederlandse als Engelse tekst. Naar aanleiding van de tentoonstelling organiseert het museum op 15 februari een middag waarop de conservator vertelt over Maarten van Heemskerck en zijn inspiratiebronnen. De tentoonstelling Maarten van Heemskerck – het oude Rome herleeft is mede mogelijk gemaakt dankzij een particuliere bijdrage.

Maarten van Heemskerck – het oude Rome herleeft
Van 11 februari tot en met 3 juni 2012
Museum Boijmans Van Beuningen
Museumpark 18-20
3015 CX Rotterdam
info@boijmans.nl
www.boijmans.nl/nl

Meer dan 10.000 bezoekers per dag voor Vaticaanse nieuwssite

Geplaatst door:

De informatie van de nieuwswebsite van het Vaticaan, www.news.va wordt dagelijks opgevraagd door meer dan 10.000 unieke bezoekers. Tijdens de periode van kerstmis bedroeg dat aantal gemiddeld zelfs 16.000. Dat zegt aartsbisschop Claudio Maria Celli van de Pauselijke Raad voor de Sociale Communicatiemiddelen. De nieuwswebsite van het Vaticaan werd in juni 2011 boven de doopvont gehouden. Aartsbisschop Celli: “Ik meen dat wij enkele maanden later een positieve balans kunnen voorleggen. Wij krijgen opvragingen uit 180 landen, onder wie velen die de website bezoeken voor het live videoverslag van gebeurtenissen met de paus.” De informatie op www.news.va is momenteel beschikbaar in het Engels, het Spaans en het Italiaans. Aartsbisschop Celli kondigt aan dat nog deze maand wordt gestart met een sectie in het Frans en in februari ook in het Portugees. (Bron: KerkNet/CNA)

Andiamo! zamelt geld in voor Kenia tijdens Romeinse marathon

Geplaatst door: 19/01/2012

Op 18 maart 2012 wordt in Rome opnieuw de jaarlijkse marathon gelopen. Het bedrijf Andiamo zal tijdens dit evenement geld inzamelen voor een nieuw charity-project: de El-Bethel School in Rongo, Kenia. De El-Bethel School werd gesticht in 2001 met de hulp van een Nederlandse collega en vriendin van Filomena Uffing, de directeur van Andiamo!Services – DMC Italy. De voorbije tien jaar heeft het project voedsel, zorg en scholing geboden aan honderden Keniaanse kinderen. Het doel van het project is wezen en kinderen uit arme families een duurzame opleiding te geven en ze op die manier een uitweg te bieden uit hun armoede. De school wordt inmiddels volledig bestuurd door mensen uit de lokale bevolking en is ook hard op weg financieel zelfvoorzienend te worden, maar voordat het project echt op eigen benen zal kunnen staan heeft het permanente klaslokalen en een nieuwe keuken nodig.

Andiamo! wil El-Bethel helpen deze te bouwen en de deelnemers aan de marathon van Rome kunnen daarbij helpen. Je kan de hele 42 km lopen, maar het is ook mogelijk een kortere afstand te doen, vanaf 4 km (charity percours). Ook individuele boekingen zijn welkom. Voor de deelnemers werd een speciaal evenement op touw gezet waarin niet alleen de registratie voor de marathon en twee nachten accommodatie zijn inbegrepen, maar ook talrijke andere voordelen, zoals een gratis t-shirt, water tijdens de marathon, een gezellige aperitivo de avond ervoor en na afloop een authentiek Italiaans diner aan lange tafels samen met alle marathonlopers. Het arrangement is scherp geprijsd (249 euro p.p.) en de volledige opbrengst gaat direct naar El-Bethel via Andiamo!’s contact daar. Als je al in Rome bent of liever zelf je accommodatie regelt kun je nog steeds meedoen met adeze marathon-activiteiten. Je betaalt dan slechts 149 euro p.p.

Klik hier voor meer informatie over dit project.

Nieuwe directeur voor L’Osservatore Romano

Geplaatst door: 18/01/2012

De 52-jarige salesiaan Sergio Pellini (52), die de voorbije jaren aan het hoofd stond van het Colle Don Bosco van de salesianen in Noord-Italië, wordt de nieuwe directeur van de drukkerij en uitgeverij van de Vaticaanse krant L’Osservatore Romano. Hij volgt de salesiaan Pietro Migliasso op. L’Osservatore Romano kwam voor het eerst uit op 1 juli 1861, onder het pontificaat van Paus Pius IX. Het blad verschijnt dagelijks uit in het Italiaans en er zijn wekelijkse edities in het Frans, Engels, Spaans, Portugees, Duits en Malayalam. Onder het pontificaat van Paus Johannes Paulus II kwam er een maandelijkse editie bij in het Pools. De dagelijkse uitgave in het Italiaans wordt ‘s middags uitgebracht, maar draagt de datum van de volgende dag, wat soms tot misverstanden leidt.

Met de aanstelling van Pellini respecteert kardinaal Bertone de traditie voor taakverdelingen in Rome. Die impliceert onder meer dat de jezuïeten instaan voor het beheer van de radiozender Radio Vaticana, de kapucijnen voor de predicatie bij het pauselijke huishouden en het sacrament van de biecht in de Sint-Pietersbasiliek en de congregatie van de Barmhartige Broeders van de Heilige Johannes van God voor de uitbating van de apotheek van het Vaticaan. (Bron: KerkNet/Kathpress)

Volg eens een kookles bij een Romeinse topchef

Geplaatst door:

We komen allemaal graag in Rome en bij uitbreiding in Italië. Logischerwijze hou je dan ook van het heerlijke Italiaanse eten. In Rome alleen al vind je duizenden restaurantjes waar je uitstekend kan tafelen. Websites zoals DiningCity geven een uitstekend en netjes gerangschikt overzicht van een aantal betere zaken. Vragen over eten, drinken en interessante Romeinse eetadresjes behoren trouwens tot de meest gestelde van de berichten die dagelijks in onze mailbox belanden. Net zoals we vorig jaar op zoek gingen naar het beste hotel van Rome zullen we in de nabije toekomst met jullie medewerking op zoek gaan naar de beste trattoria of ristorante in Rome. Een vraag die ook regelmatig terugkeert is of het mogelijk is om in Rome eens mee te koken met een echte chef. Daar gaan we vandaag wat dieper op in.

Er bestaan heel wat commerciële initiatieven die in Rome een kookcursus aanbieden. Die zijn meestal niet eens zo slecht maar vaak bijzonder duur. Voor een cursus van amper drie uur ben je al gauw minstens een paar honderd euro kwijt. Je moet toch al erg gemotiveerd zijn om dergelijke bedrag neer te tellen voor een paar uurtjes les. Gelukkig zijn er nog gepassioneerde chefs, die graag hun liefde voor de Italiaanse eetcultuur overbrengen naar bezoekers. Ze aarzelen niet om samen met enkele liefhebbers stap voor stap de geheimen van verschillende gerechten te doorgronden en te leren begrijpen waarom de Italiaanse keuken zo uniek is in de wereld.

De Italiaanse chef Andrea Consoli is zo iemand. Hij houdt al ruim tien jaar het populaire restaurant Le Fate in Trastevere open. Andrea Consoli is een bekend gezicht in Rome en kreeg de passie voor koken mee van thuis. Op heel jonge leeftijd begon hij al te werken in een kleine pizzeria waar zijn belangsteling voor koken en bakken gaandeweg groeide. Gedurende meerdere jaren verbleef hij langere periodes in het buitenland waar hij bij verscheidene topchefs nieuwe kooktechnieken en ingrediënten leerde kennen. Zijn Romeinse afkomst bracht hem echter altijd terug naar het familierestaurant. De voorbije vijftien jaar bouwde hij samen met zijn familie een klein horeca-imperium uit. De Consoli’s beheren nu vier restaurants. Consoli werkt het liefst met streekproducten en die voorliefde voor de lokale keuken vind je dan ook terug in zijn gerechten.

Vandaag stelt hij zijn kennis ter beschikking aan iedereen die interesse heeft om eens op een intense manier kennis te maken met de echte Romeinse keuken. Consoli biedt voor gemiddeld 65 euro per persoon iedereen de kans om nieuwe mensen te ontmoeten. Samen met een beperkt groepje andere aspirant-koks maak je samen met de chef een viergangenmenu klaar met uitsluitend biologische en superverse ingrediënten. De pasta wordt natuurlijk ook zelf gemaakt. Al het lekkers wordt ook samen opgegeten. Afwassen hoef je niet te doen. Mensen die het kookevenement al meemaakten zijn doorgaans razend enthousiast.

De kooklessen worden gehouden in Consoli’s eigen restaurant Le Fate en dit van maandag tot zaterdag. Ze beginnen ‘s ochtends om 10 uur. Je maken rekenen op een drietal uren. Reserveren is verplicht en dat kan op consoliandrea@gmail.com. Je doet dat best tijdig, want het initiatief is zeer populair. Je krijgt normaal binnen de 48 uur antwoord. In de maand augustus zijn er geen kooklessen.

Opgelet: je kan niet reserveren voor de kooklessen via de website van het restaurant. Het bovenstaande e-mail adres is de enige mogelijkheid om dat te doen. Om annulaties te voorkomen wordt een voorschot gevraagd. Het is altijd mogelijk dat de les niet kan doorgaan wegens onvoorziene omstandigheden. In dat geval krijgen de inschrijvers hun reeds gemaakte kosten volledig terugbetaald. Wie zelf onverwacht niet kan deelnemen moet zijn boeking via hetzelfde e-mail adres opzeggen. Indien die opzegging minder dan 14 dagen voor de les gebeurt wordt het voorschot niet terugbetaald.

Le Fate
Viale di Trastevere 130, Rome

www.lefaterestaurant.it
Boeking kookles: consoliandrea@gmail.com

De levens van de grootste kunstenaars door Giorgio Vasari

Geplaatst door:

Op zoek naar een geschenk om jezelf of andere kunstliefhebbers eens echt te verwennen? Dit is er eentje. Niet goedkoop maar mooi. En groot. Zopas verscheen bij uitgeverij Contact de in het Nederlands vertaalde uitgave van het beroemde werk Le vite de’ più eccellenti pittori, scultori e architettori. Dit standaardwerk van Vasari dateert uit 1550 en kende in de periode 1564-1568 een tweede, zeer uitgebreide en verbeterde uitgave. Men stelt weleens dat met dit boek de kunstgeschiedenis begonnen is. Vasari schreef het op het hoogtepunt van de Renaissance en hij beschouwde – vooral – schilderkunst als het toppunt van het menselijk kunnen. Daarbij had hij veel vertrouwen in zijn pen: de oorspronkelijke editie was niet geïllustreerd – de latere edities wel – maar nog nooit zo overdonderend mooi als nu.

De Italiaanse schilder en architect Giorgio Vasari (Arezzo 20 juli 1511 – Florence 27 juni 1574) schreef zelf ook over kunst. Met Le vite de’ più eccellenti pittori, scultori e architettori (De levens van de grootste Italiaanse architecten, schilders en beeldhouwers), dat in 1550 verscheen, publiceerde hij het eerste kritische kunsthistorische werk van zijn tijd, waarmee hij de visie op de kunst van de Renaissance blijvend heeft bepaald. De tweede druk van dit werk, enkele jaren later, was nog veel uitgebreider en vormde eeuwenlang de belangrijkste bron voor de kennis van de Italiaanse kunst van de 13de tot de 16de eeuw. In 1990 en 1992 verscheen al eerder een Nederlandse vertaling van het boek, in twee delen.

In Le vite de’ più eccellenti pittori, scultori e architettori heeft Giorgio Vasari aan de hand van bijna 200 biografieën en vaak ook karakteristieken van kunstenaars, van Cimabue tot Michelangelo, de ontwikkeling van de stijl vanaf de ‘maniera greca’ (Byzantijnse stijl) tot aan de ‘maniera grande’ willen geven. De bronnen waaruit hij putte waren onder andere Vitruvius, Dante, Villani, Ghiberti en Vignola; het meeste haalde hij echter uit mondelinge overlevering en eigen waarneming. Zijn interpretaties zijn, ondanks zijn voorkeur voor de Florentijnse kunst, voor een deel nog steeds geldig. De na zijn dood uitgegeven Ragionamenti (1588) zijn literair veel minder goed, maar van belang voor de kennis van de opvattingen en iconografie van het maniërisme.

Als architect werd Vasari beroemd door het Palazzo degli Uffizi in Florence, waarbij hij op meesterlijke wijze Toscaanse en Michelangeleske elementen verbond. Als schilder was hij een niet boven de middelmaat uitstekend kunstenaar, die zich in zijn grote fresco’s, ondermeer in de Sala di cento giorni (hij voerde ze volgens opdracht in 100 dagen uit) van de Cancelleria te Rome en in het Palazzo Vecchio in Florence aansloot bij de traditie van de maniëristen. In Arezzo, in Casa del Vasari, door hem zelf ontworpen, zijn fresco’s van zijn hand en door hem ontworpen meubels te bekijken. Vasari maakte ook een groot aantal portretten en altaarstukken.

Het zopas in het Nederlands veschenen kunstboek van Vasari mag niet ontbreken in de boekenkast van liefhebbers van de schilderkunst uit de Gouden Eeuw. Het gaat om een luxe-editie die zijn weerga niet kent: de oorspronkelijke teksten van Vasari, hedendaagse toelichtingen en prachtige afbeeldingen van de besproken kunst. Er hangt weliswaar een stevig prijskaartje aan vast maar dit werk zal het aardig doen op uw mooiste salontafel en veel bewondering afdwingen wanneer de kunstliefhebbers uit uw Italiaanse vriendenkring op bezoek komen.

De levens van de grootste kunstenaars
Giorgio Vasari
Aantal pagina’s: 496 met veel illustraties en foto’s in kleur
Uitgave: 2011
Oorspronkelijke titel: Le vite de’ più eccellenti pittori, scultori e architettori
Gebonden editie
ISBN 9789025437190
Prijs: 250 euro
Uitgeverij Contact
Keizersgracht 205
1016 DS Amsterdam
E-mail: info@uitgeverijcontact.nl

Diego Della Valle dreigt restauratie Colosseum af te blazen

Geplaatst door: 12/01/2012

Diego Della Valle, de grote baas van ondermeer het schoenenmerk Tod’s, dreigt ermee zich terug te trekken uit het restauratieproject van het Colosseum. Della Valle wil zoals bekend de kosten van die restauratie, goed voor 25 miljoen euro, helemaal op zich nemen. Maar op aandringen van een vakbond werd een onderzoek geopend naar mogelijke onregelmatigheden bij het biedingsproces voor het restauratiecontract. Diego Della Valle is heel de discussie beu en heeft ermee gedreigd het project af te blazen. De dringende restauratie van het Colosseum wordt dan op de lange baan geschoven wat een ramp zou betekenen voor de toekomst van het monument. De Italiaanse minister van Cultuur heeft de ondernemer gevraagd nog even te wachten alvorens een definitieve beslissing te nemen.

Het onderzoek kwam er na een klacht van een vakbond dat niet alles volgens de regeltjes gebeurd zou zijn tijdens het biedingsproces. Het onderzoek zit nog in een vroege fase. Bewijzen van strafbare feiten zijn er nog niet. Archeologen zijn woedend dat de restauratie van het monument door dit soort politieke spelletjes op de helling komt te staan. Normaal moesten de werken al in december vorig jaar begonnen zijn. Nu worden de eerste steigers verwacht in maart. Diego Della Valle heeft laten weten dat hij al 10 miljoen euro uitgetrokken heeft om de werf te kunnen starten. Alles staat klaar om te beginnen maar nu blijkt dat bepaalde mensen problemen hebben met het dossier moet ik misschien mijn conclusies trekken en me met andere zaken gaan bezighouden, klinkt het bij de ondernemer. Della Valle was overigens de enige die een bod uitbracht op het restauratiedossier.